Wat er ook gebeurt: wateroverlast

Vroeger, toen ik nog in een studentenhuis woonde, hadden wij last van onze buren. Bijna wekelijks stond de buurman wel aan de deur om te vertellen dat we in hun ogen (oren, eigenlijk) te veel lawaai maakten. Maar mijn god, het waren oude mensen, buurman en buurvrouw, en dan is het natuurlijk wel een beetje hun eigen schuld dat ze niet doof waren. Dat kan op zo’n leeftijd namelijk makkelijk!
Altijd maar dat geklaag van mensen…
Nu zag ik laatst op tv dat er mensen op bepaalde plekken in Afrika last van geen water hebben. Wees blij, denk ik dan. Dit weekend is mijn kelder ondergelopen. Er staat zo’n tien centimeter water. Da’s toch ook geen pretje! Maar mij zie je niet op het acht uur journaal janken daarover.
Of zijn negers gewoon te trots om te zeggen “mijn kelder staat blank”?

Last, but not least: Nu ik eraan denk, mijn oude buurvrouw (van dat studentenhuis) had ook last van droogte. Als wij weer eens naar de zoetgevooisde stem van Kurt Cobain wilden luisteren, hoorden we altijd het gekraak van de buurvrouw er doorheen als ze weer eens over straat liep. Maar denk je dat wij daar ooit iets van zeiden? Natuurlijk niet! Wij waren keurig opgevoed…

Kunst met een hoofdletter; om het even welke

Mij wordt wel eens door verschillende poptijdschriften gevraagd om een nummer te recenseren. Doorgaans zeg ik hier snoeihard ‘neen’ op, maar deze keer ben ik gezwicht. Ik krijg namelijk van de redactie de vrijheid om zelf een nummer uit te kiezen.
Lang heb ik getwijfeld of ik het nummer Yesterday van de band The Beatles zou nemen, maar ja, als het merendeel van je lezerspubliek het bewuste nummer niet kent, sla je met je recensie de plank natuurlijk nogal mis. En planken en raak slaan daar gaat het bij recensies natuurlijk om!
Uiteindelijk heb ik gekozen nummer 8 te recenseren. En oh wat een mooi nummer is dat, zeg. Tjongejonge, wat een vormgeving! Het lijken wel twee perfecte bolletjes op elkaar. (En als twee bolletjes 8 is, dan is één bolletje natuurlijk 4).
Ja, de 8 heeft een taille om u tegen te zeggen. Daar kan Anna Nicole Smith nog een puntje aan zuigen – wat ze naar horen zeggen overigens erg goed kan, maar dit terzijde.
Ik pleit enorm voor een herwaardering, een opwaardering zelfs, voor de 8.
De 8 is minstens een 9 waard. En de 9, dat eeuwig omvallende symbooltje (omdat het maar één been heeft), moeten we wellicht gewoon maar schrappen.


Verbeterd en aangepast: Af- en toestand (http://wp.me/p27bxo-Oe)

Groepsactiviteiten #1 (ぶっかけ)

Eén ding is zeker. Wie aan bukkake doet, is niet niet eenzaam. Bukkake, de Oosterse metavariant op het Oud-Hollandsch budblaffen wint in deze dagen van de wereldwijze financiële crisis zichtbaar aan terrein. Het is een gezellige en sociale activiteit die een zeer versterkende werking heeft op de band tussen de deelnemers onderling. Als bedrijfsuitje is het daarom zeer geschikt en de trend binnen het Westerse bedrijfsleven zal naar verwachting dan ook zeker nog een tijdje doorzetten. Goed nieuws!

Maar goed nieuws heeft ook zijn keerzijde. Het aantal bukkakeincidenten is in de afgelopen twee jaar met een factor 2,634 toegenomen. Het gaat hierbij zowel om kleine incidenten (dichtgeplakte ogen, neusgaten of oren) als de ergere gevallen die zich gek genoeg vooral bij de bukkakende en niet de bukkakee voordoen. Het aantal mannen dat is uitgegleden over zijn (of iemands anders) zaad en daarmee lelijk ten val kwam rijst tegenwoordig de pan uit. Om over besmettelijke ziektes als balroos en zaaduitslag nog maar te zwijgen.

My finity, infinity, divinity

O, wakin’ me up in the world; with a shovel;
Takin’ me apart, apart; takin’ me apart, apart…
Writin’ novels about fuck; but it’s a novel;
Killin’ you and you and you and you; well, it’s a start!

Givin’ everybody a needle; to see I’m dead for sure;
Stickin’ it into your girl; what does her dad say?
Throwin’ up in the train; couldn’t reach the door;
Stickin’ it into myself; you know I’m dead, hey?

Hey say, wakin’ up in your trousers; and what the room say?
Seein’ talkin’-abouzers; I’m gonna leave, yeah?
Got my head up ahead; but do my neck know?
Landin’ head down first; into the front row!

Takin’ to a fuckin’ and suckin’ spotlight; into the season;
Takin’ the bitch from the beach; and put the cheese in;
And, never tellin’ the truth; because me mom know!
Well, do the ‘cripple’ now; then the fandango!

Teha, yo, starin’ up strong; and keep your eyes hidden;
Your hands are cut off; you have lost biddin’;
It is raining outside; inside you do snow;
Peter Gabriel’s here with his album; and so?

Boom
Shack
Ability
I’m goin’ in now
Boom
Shack
Ability
I’m gonna win now

Hip Hug Her

Van de kinderen in Jelles klas die niet konden rekenen waren er dertien in een dozijn. Jelle kende hen natuurlijk niet allemaal, want er zaten wel tien kinderen in zijn klas. Huub vond hij wel aardig. Huub was vanaf de eerste schooldag al ziek thuis. Iets aan zijn nieren of zo. Later werd Huub van school gestuurd. Hij zou zijn ziekte van iemand afgekeken hebben. Het hele gezin van Huub was belachelijk begaan met de gesteldheid van Huub. Petra, de zus van Huub, ging zelfs geheel zonder enige vorm van eigenbelang de prostitutie in om geld bij elkaar te sparen voor een rij dure operaties voor Huub. Petra bleek echt een natuurtalent, maar haar gave werd overschaduwd door het talent van haar oudere broer Simon. Deze was namelijk ernstig goed op de basgitaar. Hij zei altijd: ‘Een gewone gitaar heeft zes snaren. Een basgitaar maar vier. Dus op een basgitaar moet je vijftig procent sneller en beter zijn!’
‘Volgens mij maar een derde,’ zei Dirk, de gitarist van Simons band, op zijn beurt dan altijd.
Toen Jelle zanger van Simons band, genaamd The Rolling Bricks, werd, diende Yorgo de drummer tijdens de wekelijkse werkbespreking een voorstel in om alleen nog maar instrumentale nummers te spelen. Vooral Jelle was hier blij mee. Hij kon namelijk totaal niet zingen. Wel beter dan zijn schoenen strikken overigens.
Het beste nummer van The Rolling Bricks was toch wel een cover van het swingende “Hip Hug Her” en hier namen ze dan ook een singletje van op. Frankie uit de Dwarsdwarsstraat kocht het singeltje en kreeg, toen hij het opzette, ineens erg veel zin en tijd om naar de wc te gaan. Op de wc bleek dat hij allebei zijn nieren had gescheurd.


Verbeterd en aangepast: Af- en toestand (http://wp.me/p27bxo-Oe)

Vleesmaffia

Gisteren stierf Jakobus, mijn varken. Ik heb een paar jaar voedseltechnologie gestudeerd en Jakobus maakte deel uit van mijn afstudeerproject, mijn plan om het voedselprobleem in de wereld voor eens en voor altijd op te lossen. Centrale vraag was: waarom zou je een dier moeten doden om er vlees vanaf te halen?
Varkens bijvoorbeeld zijn slimme dieren en begrijpen echt wel dat een plakje schouderham op een wit broodje met boter niet te versmaden is, maar dat ze daarvoor eerst dood aan een haak moeten hangen, vinden ze minder grappig.
Ik kocht een varken (Jakobus), leerde hem praten en toog vol trots naar mijn afstudeerbegeleider.
‘Ik heb zin in een broodje schouderham. Mag ik een plakje van u afsnijden?’ zei ik (tegen het varken, niet tegen de afstudeerbegeleider).
‘Wat zegt u?’ zei Jakobus.
‘Mag ik alstublieft een plakje schouderham van u afsnijden?’ verbeterde ik mezelf.
‘Het magische woord!’ zei Jakobus. ‘Ga gerust uw gang!’

Ja, altijd beleefd zijn tegen varkens. Varkens zijn daar uiterst gevoelig voor!
Mijn afstudeerbegeleider vond het zichtbaar niks en schreeuwde naar me dat ik nooit zou afstuderen of voedseltechnoloog zou worden.
Jaren later kwam ik erachter dat mijn afstudeerbegeleider bij de vleesmaffia zat, maar toen was ik alweer veel te druk bezig om komkommers te leren klaverjassen.