Haiku over haiku’s

Haiku’s, niet handig
als je veel vertellen wilt
heb je weinig tekst.

4 antwoorden op “Haiku over haiku’s”

  1. Nou ja, ‘er’, ‘er’, ‘er’. Adriaan van Dis heeft ook ooit ‘er’ gebruikt. Waar of niet? Het grenst aan plagiaat.
    Maar neem nou mijn woorddicht ‘Lul’. Je zult in beginsel zeggen “ja, dat heeft Jan Wolkers ook gedaan!”, maar neem eens een wit vlak. Een wit vlak. Totaal andere context! En dan het woord:

    “Lul”

    Verhelderend, toch?

  2. Als ik je reactie zo lees, besef ik inderdaad hoe geniaal je bent. Een hele zin gevormd met afzonderlijke woorddichten:

    “Soms”

    “Kan”

    “Ik”

    “Er” (deze vind ik persoonlijk heel erg mooi)

    “Gewoon”

    “Niks”

    “Aan”

    “Doen”

    “Dat”

    “Ik” (zelfs de tweede keer blijft hij treffend)

    “Geniaal”

    “ben” (subtiele verwijzing maar ik vat ‘m)

  3. De dichtvorm ‘woord’ is technisch nog lastiger.

    In mijn dichtbundel ‘En toch is Harry Mulisch dood’ heb ik wel een paar geniale woorddichten gemaakt.

    Ik som er hier een paar op:

    Lul

    Gereedschap

    Koebel

    Spinazie

    Spingaren

    Pet

    Als je nog meer van mijn woorddichten wil lezen, moet je maar gewoon mijn bundel kopen. Ik ben er niet voor niets twaalf jaar mee beziggeweest!

    Nu ik er zo over nadenk, ‘twaalf’ is ook een mooi woorddicht. En het beslaat meteen de eerste drie maanden van de eerste wereldoorlog! Soms kan ik er gewoon niks aan doen dat ik zo geniaal ben…

Reacties zijn gesloten.